Waarom zijn darmen zo lang ?

De NV Spijsvertering: 24 uur per dag in de weer voor jou

Negen wonderlijke meters

Ons spijsverteringsstelsel is een wonder. Of misschien eerder… een wonderlijk chemisch fabriekje. Slaatjes, biefstuk, yoghurt, sinaasappels: alle grondstoffen die we binnenspelen, worden er in ingewikkelde – met elkaar verbonden – machines afgebroken tot bruikbare elementen. Tot kleine deeltjes die we moleculen noemen. Deze worden opgenomen in onze bloedstroom. Ons bloed brengt de moleculen dan naar onze lichaamscellen waar ze worden gebruikt om energie en andere substanties voor het onderhoud van ons organisme te maken.

Tijd voor een fabrieksbezoek !

1: Mond 

Hier begint de vertering. Onze tanden vermalen het voedsel tot kleine stukjes. Die worden vermengd met speeksel. De enzymen in het speeksel brengen al meteen de afbraak van zetmeel op gang.

2: Slokdarm

Ons gekauwde voedsel valt niet zomaar door een lange koker in onze maag. Het wordt vervoerd door de slokdarm. Die kan je vergelijken met een soort gespierde tunnel. Een ingenieus musculair systeem trekt voortdurend ritmisch samen van boven naar beneden: de peristaltische beweging.
Deze spiersamentrekkingen zijn niet beperkt tot de slokdarm. Ze knijpen en duwen ons voedsel doorheen het hele spijsverteringstraject.

 3: Maag 

De slokdarm brengt het voedsel naar de maag. Bekijk die gerust als een soort opslagtank. Als we onze maag niet hadden, zouden we voortdurend heel kleine beetjes moeten eten. Gelukkig beschikken we echter over een ma(a)gazijn met een inhoud van ongeveer anderhalve liter. In onze maag wordt het voedsel gedurende enkele uren vermengd met maagsap: een krachtige mix van enzymen en zoutzuur. De enzymen breken de meeste eiwitten en het zetmeel in het voedsel af. De zoutzuur doden het grootste deel van de bacteriën. Het resultaat van deze bewerking glijdt vervolgens traag de dunne darm in.

4: Dunne darm 

Na het verblijf in de maag komt de half verteerde brij waarin je eten nu veranderd is in een buis met allemaal kleine plooitjes (villi) terecht. Er komen nog meer verteringssappen vrij. Hier worden koolhydraten tot suikers, proteïnen tot aminozuren en vet tot vetzuren en glycerol  afgebroken. Die worden vervolgens door de darmwand heen opgenomen in de bloedstroom.

De dunne darm: 6 meter lang !

  •  Uitgerold is onze dunne darm gemiddeld 6 meter lang.
  • Dankzij de villi (die kleine plooitjes, weet je nog wel) is onze totale darmoppervlakte maar liefst 250 m². Dat is ongeveer even groot als… een tennisveld.
  • Als die villi er niet waren, zou onze dunne darm – om hetzelfde werk te kunnen doen – maar liefst 3 kilometer lang moeten zijn.

5: Dikke darm en endeldarm

Hier blijven de overgebleven voedselresten 5 tot 70 uur. De restanten van water en mineralen (bijv. zout) worden opgenomen. Bacteriën (inderdaad, bacteriën – daarover later meer!) breken het overschot  aan onverteerd materiaal af. Wat nu nog overblijft, wordt in de endeldarm, het laatste deel van de dikke darm, opgeslagen. Hier verzamelt onze ontlasting zich. Deze verlaat via de anus ons lichaam.

Enkele handige helpers 

6: De alvleesklier (pancreas)

Maakt niet rechtstreeks deel uit van het spijsverteringsstelsel, maar steekt wel een (belangrijk) handje toe. Deze klier scheidt onder meer een sap af dat het maagsap neutraliseert. De pancreas produceert ook spijsverteringsenzymen die koolhydraten, vetten en eiwitten helpen verteren.

7: De lever

Is een van de belangrijkste chemische laboratoria en opslagplaatsen van ons lichaam. Hij verwerkt de voedingsstoffen die hem door het spijsverteringsstelsel via het bloed worden aangeleverd. De grondstoffen die de lever te verwerken krijgt, komen binnen via de poortader: eiwitten, die afgebroken zijn tot aminozuren, koolhydraten in de vorm van suikers, vetten…

De lever produceert ook gal, een spijsverteringssap dat het vet uit ons voedsel in kleine druppeltjes omzet. Die gal zit in de galblaas te wachten tot er een vettere maaltijd aankomt.

8: De galblaas

De lever produceert galvloeistof die naar de galblaas wordt afgevoerd. Daar wordt water aan de galvloeistof onttrokken waardoor deze wordt ingedikt en zijn typische groene kleur krijgt.